Top of this page
Skip navigation, go straight to the content

Brandbestrijding afvalhout bij recyclingbedrijf. Een verslag uit de praktijk.

4 augustus 2010

Beeld: Omroep Brabant
Beeld: Omroep Brabant

Op het terrein van recyclingbedrijf Bowie aan de Gerstdijk in Helmond is in de nacht van vrijdag 23 juli om 00.50 uur brand ontstaan in twee enorme stapels hout. De stapels hadden een afmeting van zo’n tachtig bij veertig meter en zeker tien meter hoog. Deze stapels lagen achter de bedrijfsloods op geslagen en zijn door betonnen muren omheind. De stapels bestonden uit allerlei afvalhout dat los gestapeld lag in de open lucht. Naar de oorzaak van de brand loopt een onderzoek door de politie. De bestrijding van een dergelijke brand heeft zo zijn eigen strategie.

Traditioneel richt de brandweer zich met veel materieel en mensen op de blussing van de brand. Maar net als bij een rieten dak, loopt het bluswater vrij snel van de stapel hout af. De brand die dieper in de stapel zit kun je niet bereiken. Omdat het hout gestapeld ligt, is de zuurstof toetreding beperkt waardoor de brand vooral een smeulbrand is met aan het oppervlak vuurverschijnselen. De brand loopt in de stapel door en is daardoor bijna niet beheersbaar. Het grootste gevaar was dat de brand zou doorlopen richting loods en dat deze door aanstraling ook in brand zou raken. Een ander probleem is het vliegvuur en de enorme rookontwikkeling die gepaard gaat met veel stank.

Het eerste probleem is de bluswatervoorziening. Er is veel water in korte tijd nodig om te proberen de brand in beginsel onder controle te krijgen en vooral om de loods af te schermen. De brandkranen leveren te weinig voor de voeding van straatwaterkanonnen en hoogwerkers. De inzet van dompelpompen in het achtergelegen kanaal heeft dan de prioriteit. Voor deze secundaire waterwinning echter opgebouwd is, ben je zeker drie kwartier tot een uur verder. Inmiddels is de brand niet te blussen en heeft zich deze dermate ontwikkeld dat ook de tweede stapel hout door aanstraling in brand is geraakt.

De regio Brabant Zuidoost is de laatste maanden geteisterd door grote branden, waaronder de brand op de Strabrechtste Heide en de industriepanden in Valkenswaard en in Best. Voor deze branden is veel materieel en personeel ingezet. Je merkt in de praktijk dat het potentieel voor aflossing kleiner wordt, zeker richting de vakantieperiode. Ook voor deze brand werd in beginsel veel materieel en personeel gealarmeerd. Met betrekking tot de menskracht zijn wij als brandweer er op ingericht om ook bij drukke periodes bezetting te kunnen leveren. Zelfs in de vakantieperiode zijn we hierop voorbereid. Het is op het moment wel druk, maar we komen niet in de problemen.

In principe is de eigenaar van het pand ook de probleemeigenaar van de brand. Zet die niet buiten spel! De brandweer is in beginsel noodzakelijk om het gevaar weg te nemen en het incident onder controle te krijgen. Dat wil echter niet zeggen dat de brand dan ook uit moet zijn. Wat heb je nodig:

  • middelen om de brand te kunnen beheersen. Dit hoeft niet per definitie veel personeel te zijn, maar wel het juiste materieel. In een vroeg stadium is het idee ontstaan dat je met één groot bluskanon de complete stapels hout kunt beheersen en tevens de loods afschermen. De bedrijfsbrandweer van DSM – Chemelot in Geleen beschikt over een dergelijk groot bluskanon. Daar is contact mee gelegd en anderhalf uur later stond het materieel in Helmond op locatie. Na het aansluiten van drie dompelpompen, het verleggen van de toevoeren, stond het kanon strategisch opgesteld en kon de blussing overnemen. Daarna kon veel ingezet materieel afgeschaald worden. Dat gaf overzicht en ook rust naar het personeel.
  • middelen om de stapels hout gecontroleerd uit te laten branden of te blussen. De eigenaar van het pand is in principe probleem eigenaar en bovendien gewend om met groot materieel te werken. Het afval hoeft niet afgevoerd te worden om de klus te klaren, maar je wilt wel het vuur uit hebben. Door de grote hoeveelheid bluswater die op het terrein een vijver vormt, kun je een logistiek systeem opzetten met behulp van kranen en shovels. Onder dekking van straling beginnen kranen de stapel hout af te graven, deponeren dit in de blusvijver en vervolgens brengen shovels dit naar de andere kant van het terrein. Daar stapelen kranen het afgebluste materiaal weer op een stapel.

Deze strategie werkt erg snel want in de loop van de zaterdag waren de brandstapels al nagenoeg omgezet. Dus kon de brandweer naar huis. De eigenaar heeft onder leiding van de brandweer die regelmatig kwam controleren, de laatste restjes gecontroleerd laten uitbranden. Dit laatste gaf minder rook en stank. Het was zoeken naar het evenwicht tussen de hoeveelheid bluswater opbrengen en de temperatuur voldoende hoog houden van de brand om een goede verbranding te houden.

In 2005 hebben we een vergelijkbare brand gehad in de gemeente Son en Breugel met dit verschil dat de brand toen in een loods was. Het bijkomend probleem is dan de adembescherming die je nodig hebt in het gebouw. Het idee was toen om brandweermensen op de shovels te laten rijden. Dat is natuurlijk wel leuk, maar niet effectief en bovendien gevaarlijker dan het alternatief. De eigen mensen voorzien van ademlucht of een ademluchtapparaat in de cabine leggen waardoor de cabine op overdruk wordt gebracht. Verder de chauffeurs voorzien van een portofoon voor communicatie en contact, en het systeem kan draaien.

De brand in een afvalhoop vraagt dus om een andere strategie. Het vuur onder controle brengen, terugschalen in personeel, de brand gecontroleerd laten uitbranden en opruimen en daarvoor het bedrijf zelf aan het werk zetten. Er is zelfs een kantelmoment waarop de veiligheid niet verder in gevaar is en je zelfs kunt overwegen al het brandweermaterieel af te bouwen en de eigenaar zelf voorzieningen laten treffen door inhuur van blusmaterieel. Te denken valt aan giertonnen of beregeningsinstallaties die in de landbouw gebruikt worden. Wat je zeker niet moet doen is het incident volledig overnemen en de eigenaar buiten spel zetten.

Preventief moeten we ons als brandweer afvragen of de genomen maatregelen wel voldoende zijn. Op de eerste plaats is het voorkomen van vandalisme en dus een goede afscherming van het terrein, eventueel voorzien van detectiecamera’s met beeldherkenning en die ook reageren op vlammen. Daarnaast is vooral een goede compartimentering van belang die voorziet in voldoende hoge afscheidingsmuren om overslag te voorkomen waardoor de brand beter beheersbaar blijft. Verder is de eigenaar verantwoordelijk om goede stationaire bluswatervoorzieningen te treffen zodat er snel een start gemaakt kan worden met het beperken van de branduitbreiding.

Tekst: Jo van Hoef. Hij is commandant van de brandweer in Helmond.

naar boven
naar boven